Schaarse ruimte vraagt om scherpe keuzes in de Waarderpolder
De ruimte in Haarlem is schaars. Dat maakt de noodzaak hoog om goed na te denken over de invulling van die ruimte, zeker op bedrijventerrein de Waarderpolder. Daarom organiseerden Industriekring Haarlem (IKH) en VNO-NCW West gezamenlijk een bijeenkomst over dit onderwerp, waarbij ondernemers, ambtenaren en gemeenteraadsleden aanwezig waren.
De titel van de bijeenkomst was ‘strijdig gebruik in de Waarderpolder’, IKH-voorzitter Bruno Giebels verbreedde die thematiek bij zijn opening. “Strijdig gebruik wekt de suggestie dat wij als IKH alleen maar ‘tégen’ zijn. Dat is niet zo, we willen veel meer kijken: wat past hier wél. Want bij de minstens 5000 extra banen die nodig zijn als de gewenste 10.000 extra woningen die in Haarle moeten komen, horen extra voorzieningen – óók in de Waarderpolder.”
Van IKEA tot Koepel
“Met name in de huidige ontwikkeling van Zuidstrook, zeg maar ‘van IKEA tot aan De Koepel’, is behoefte aan voorzieningen die echt een toevoeging zijn aan de huidige bedrijvigheid. Dat is ook strijdig gebruik, maar die kun je een ontheffing geven op het bestemmingsplan. Dus niet een zoveelste kapper of sportschool erbij die hierheen komt omdat de vierkante meter-prijs lager is dan in de binnenstad, maar wel veel verkeers- en parkeerproblematiek aantrekt in een gebied dat op dat vlak momenteel al vastloopt.”
De noodzaak om ruimte te blijven maken voor ondernemen, werd onderstreept door Rik Enequist, strategisch adviseur bij het landelijke VNO-NCW en MKB-Nederland. “Nederland telt zo’n 3800 bedrijventerreinen, je ziet eigenlijk overal dat historisch is ontstaan dat die vol zitten met functies die daar eigenlijk niet horen. Als ruimte geen probleem is, is dat niet erg. Maar we leven in een land waar ruimte wél een probleem is. In Haarlem is dat zeker het geval, een stad als Breda heeft meer inwoners, maar dan op vier keer zoveel oppervlakte. En in Haarlem zie ik binnen de gemeentegrenzen eigenlijk geen logische uitbreidingsmogelijkheden meer.”
Toegevoegde waarde
“Op een zeer klein stukje Nederland wordt onze brede welvaart verdiend: 2,8% van Nederland is bedrijventerrein en daar wordt met 467 miljard euro meer dan de helft van de toegevoegde waarde verdiend. We zien echter dat door ruimtegebrek het investeringsklimaat onder druk staat, terwijl tegelijkertijd bevolkingsgroei en transities als die naar een circulaire economie meer ruimte vragen. Ook zijn de prijzen voor bedrijfsruimte de afgelopen vijf jaar exponentieel gegroeid.”
“Er is becijferd dat in 2030 de ruimte voor bedrijven gewoon op, afgezet tegen de bouwplannen richting 2040 dreigt zelfs een enorm tekort. Daarom is efficiency nodig. Als ik zo hoor wat er in Haarlem en in de Waarderpolder speelt denk ik: als er bedrijven zijn die niet op het terrein thuishoren, moet je die er uithalen. Als je wilt mengen qua bedrijvigheid, moet je eerst ontmengen. Functies die in de stad thuishoren, moet je in de stad plaatsen en niet op een bedrijventerrein waar industrie een belangrijke rol inneemt.”
40-30-20-10
“Ik hoor herkenning in de zaal”, zei gespreksleider Trudie van ’t Hull-Bettink (VNO-NCW West). “Absoluut, daarom zitten we hier ook!”, reageerde iemand. Het leidde tot diverse vragen, waarbij onder meer werd toegespitst op strijdig gebruik, oftewel bedrijven die niet binnen het bestemmingsplan vallen maar geen vergunning hebben. In de paneldiscussie zei Ruud Meijer, sinds 2008 vanuit de gemeente Haarlem actief in de Waarderpolder: “Ik denk dat we de Waarderpolder moeten bekijken binnen de ontwikkeling van de hele stad. Bij nieuwbouw en ontwikkeling van woningen geldt nu: 40% sociale huur, 40% middensegment, 20% vrije markt. Ik zou ervoor willen pleiten om daar bijvoorbeeld 40-30-20-10 van te maken, met verplicht minstens 10% aan voorzieningen. Zo voorkom je dat die wegens kosten in de Waarderpolder terechtkomen.”
Een ondernemer riep de aanwezige gemeenteraadsleden op om de mogelijke komst van een coffeeshop geen doorgang te laten vinden. “Onze medewerkers komen overal vandaan en moeten hier parkeren, dat is nu al een probleem en we zien elke dag een verkeersinfarct. De Waarderpolder is al stampvol en dit gaat de druk op de wegen alleen maar verhogen”. Een ander haalde de Skatehal aan, waarop Bruno Giebels reageerde: “We zijn natuurlijk niet tegen de skatehal, dat is een waanzinnig goede voorziening, maar de vraag is: waarom daar? En als er elders in Haarlem écht geen plek is, laten we dan kijken hoe we dit slim inpassen in een voorziening die onderdeel is van geheel en niet zoveel ruimte alleen daarvoor inneemt.”
Politieke keuze
Als laaghangend fruit noemde Bruno Giebels het inzetten op handhaving. “Faciliteiten als detailhandel, sportscholen en nagelsalons die hier illegaal gevestigd zijn, daar moet je op handhaven. Anders zijn de afspraken die je met elkaar maakt ongeloofwaardig. Nu hoor ik regelmatig dat handhaving niet lukt door tekorten, maar dat vind ik te makkelijk. Je kunt daar budget voor reserveren, het is een politieke keuze. Met wat de IKH betreft als uitgangspunt: richt de schaarse ruimte in de Waarderpolder optimaal in voor ondernemers, met het juiste bedrijf op de juiste plek.”
Rik Enequist besloot: “Het is goed om te zien dat de publiek-private samenwerking hier in Haarlem al vorm heeft, maar ik zou wel willen zeggen: ga snél aan de slag. De ruimte is hier ongeveer op, dan moet je het echt slimmer en beter – en vooral sámen – gaan doen. Het is wat mij betreft duidelijk: qua bedrijventerrein heb je in Haarlem de Waarderpolder en verder niks, dus als je ergens zuinig op moet zijn dan is het de Waarderpolder.”
Industriekring Haarlem behartigt de belangen van bedrijven in de Waarderpolder. Meer weten? Op hun site lees je hoe Industriekring Haarlem zorgt voor voor een sterke Waarderpolder.



Tegelijkertijd is er de afgelopen jaren een aantal lastige dossiers geweest, vertelt Giebels. “Denk aan de mogelijke komst van een coffeeshop, het wederom verlengen van het verblijf van de ‘tijdelijke’ skatehal, de afsluiting van de Nijverheidsweg, het uitblijven van de hoognodige aanpak van de Minckelersweg en overig achterstallig onderhoud. Over het algemeen verloopt het contact met de gemeente goed, maar op het gebied van communicatie en samenwerking is echt verbetering nodig. De gemaakte afspraken met de gemeente in het convenant zijn daarbij leidend. ”
De deelnemende partners brachten stellingen in waarop politici reageerden. Die hadden vooraf kenbaar gemaakt in hoeverre ze het met de stelling eens of oneens waren. Presentatoren Brigitte Kool en Johan Tempelaar stelden vervolgens de vragen, waarna de bij de stelling betrokken partner weer reageerde. Dat begon bij Haarlem Centraal, de belangenvereniging voor de ondernemers in de binnenstad. Esther Joël poneerde namens Haarlem Centraal de stelling dat in het centrum de voetganger centraal dient te staan. Bijvoorbeeld via duidelijke regels, meer handhaving en een betere routing voor fietsers.
Dat leek ook te gebeuren met de door de Industriekring Haarlem ingebrachte stelling. Voorzitter Bruno Giebels zei dat de Waarderpolder momenteel goed is voor zo’n 16.000 arbeidsplaatsen. Daar komen door de vestiging van nieuwe ondernemingen nog eens 5.000 bij. Dat betekent dat er meer investeringen nodig zijn in onder meer vergroening, betere bereikbaarheid, verbetering van de infrastructuur en het wegwerken van achterstallig onderhoud. Vrijwel alle partijen zijn het daar mee eens. Daar was Giebels uiteraard heel blij mee, al was hij wat teleurgesteld over de reactie vanuit de partijen hoe ze dat concreet willen maken. “Veel plannen liggen er al, als belangenbehartiger van de bedrijven weten wij als Industriekring goed waar behoefte aan is. Dus laten we na de verkiezingen verder in gesprek gaan, wij hebben de ideeën en oplossingen voor de uitdagingen waar de Waarderpolder mee te maken heeft. Laat ons jullie helpen om tot concrete uitvoering van die plannen te komen.”
Koninklijke Horeca Nederland afdeling Haarlem ging in op de noodzaak om het aantal regels voor horeca-ondernemers te beperken. Met name waar het dubbele of onnodige regels betreft. Bestuurslid Eefje Majoor gaf aan zo een lijst van te kunnen maken met minstens twintig regels die overbodig zijn of dubbelen met landelijke regelgeving. Daar was Nienke Klazinga (VVD) het van harte mee eens. Zij gaf als voorbeeld een ruim veertig pagina’s tellend boekwerk over regelgeving met betrekking tot evenementen – één van de redenen dat het Kleverparkfestival ophoudt te bestaan.
Ook de Vereniging Eigenaren Binnenstad Haarlem loopt tegen die regelgeving aan. Het is volgens bestuurslid Anton Bruning één van de redenen dat het project Wonen boven Winkels zo moeizaam van de grond komt, ondanks dat iedereen daar vóór is. Ook omdat het college meer aandacht heeft voor de realisatie van woningen buiten het centrum. En dat terwijl een vitale binnenstad zo belangrijk is. Bruning vertelde als voorbeeld dat er per etage maar één ruimte gerealiseerd mag worden, terwijl de woonbehoefte in het centrum heel anders is. Regels over woningsplitsing zitten daar in de weg en zo staat er een potentieel van enkele honderden woningen leeg. Bruning: “Ik begrijp dat de prioriteit ligt bij projecten met duizenden woningen, maar dit is echt laaghangend fruit in de strijd tegen de woningnood.”
Frank Visser (ChristenUnie) gaf de stelling een ruime onvoldoende. Hij legde daarbij uit dat zijn partij op zich welwillend tegenover het idee staat, maar ook oog wil houden voor bijvoorbeeld starters. Diana van Loenen (GroenLinks-PvdA) onderstreepte dat Haarlem ook al heel veel doet voor impact-ondernemers, onder meer door in te zetten op het Sociaal Impact Investeringsfonds en te blijven investeren in het Kennemer Impact Programma.
Alles bij elkaar was het een avond met levendige en interessante debatten, waarbij de politici het op grote lijnen met alles redelijk eens waren, maar waar nog een vervolg moet komen in de realisatie en financiering van de plannen. Daarbij werd meerdere malen opgemerkt dat de gemeente ook kampt met een beperkte capaciteit aan ambtenareninzet. Daarop reikten de diverse ondernemersorganisaties de hand door aan te geven graag voorwerk te doen en na de verkiezingen met concrete suggesties te komen voor de nieuwe gemeenteraad en coalitie.









































De Vereniging Eigenaren Binnenstad Haarlem komt evenals vier jaar geleden met een stelling rondom Wonen boven Winkels. Bestuurslid Anton Bruning: “Alle partijen hebben zich vier jaar geleden uitgesproken als voorstander. Toch gebeurt er niets en zitten fietsparkeernormen, eindeloze vergunningstrajecten en regels over splitsing in de weg. Zeker gelet op de enorme krapte op de Haarlemse woningmarkt pleiten wij voor het maken én uitvoeren van een concreet actieplan om in de komende coalitieperiode ten minste honderd woningen boven winkels te realiseren.”
Tot slot is er Kennemer Impact, dat vanuit Stichting Stadsgarage wordt vormgegeven om Impact Ondernemen verder te helpen. André Brasser van Stichting Stadsgarage: “Haarlem is landelijk koploper in het aanpakken van maatschappelijke problemen met behulp van ondernemerschap. Haarlem moet dat koesteren en verder stimuleren, onder meer door het Sociaal Impact Investeringsfonds. Daarnaast vinden wij dat ondernemers die aantoonbaar maatschappelijke impact maken, en vaak werken met kleine winstmarges, gemeentelijk vastgoed tegen kostprijs moeten kunnen huren. Interessant om te horen wat de verkiesbare partijen daarvan denken.”
Van de vijf politici die aan het woord komen, zijn er twee momenteel al wethouder in de huidige coalitie: Eva de Raadt (CDA) en Diana van Loenen (GL/PvdA). Voor de andere drie, Nienke Klazinga van de VVD, Joris Krouwels van D66 en Danny van Leeuwen van de Actiepartij, geldt dat niet. Volgens Stan Verstraete levert dat interessante verschillen op: “de wethouders hebben meer moeite om de rol van lijsttrekker aan te nemen en blijven meer praten als bestuurder.”



Ramon Philippo - RAP Fotografie