Studententalent en ondernemerschap centraal bij uitreiking Teyler-prijzen
“Je bent nooit klaar om te starten met ondernemen, dus begin vóórdat je er klaar voor bent”. Dat was één van de lessen die Jeannette Smiemans van ReBloom Care meegaf aan de studenten van Business Studies en Finance & Control van Hogeschool Inholland Haarlem. Zij verzorgde de lezing voorafgaand aan de uitreiking van de jaarlijkse Teyler-prijzen voor beste propedeusestudent en beste afstudeerder.
De Teyler-lezing en uitreiking van de gelijknamige prijzen vormen samen de Oscaruitreiking van de opleidingen Business Studies en Finance & Control, waarbij succesvolle studenten in het zonnetje worden gezet. De naam van de lezing verwijst naar Pieter Teyler van der Hulst. Leonie Hangoor, zakelijk directeur van Teylers Museum, vertelde hoe Pieter Teyler – ten tijde van de Verlichting – ondernemerschap en maatschappelijke inzet combineerde. “Delen van wat je hebt, niet alleen in geld maar ook in kennis – en dat beschikbaar stellen voor het grote publiek. Tegenwoordig zouden we dat Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen noemen.” Vanuit daar trok ze een parallel naar de Inholland-studenten en in het bijzonder de genomineerden, die al tijdens de opleiding bezig zijn om ondernemen en maatschappelijke relevantie hand in hand te laten gaan.
Olympisch zwembad vol tandpasta-restjes
De lezing van Jeannette Smiemans sloot daar naadloos bij aan. Jeannette, zelf oud-student van Hogeschool Inholland, ergerde zich aan de lelijkheid van een uitgeknepen tandpastatube in haar mooie nieuwe badkamer en aan de grote hoeveelheid tandpasta die in de tube achterblijft. Maar liefst 16% van de inhoud wordt daardoor weggegooid, wat voor alle Nederlanders bij elkaar neerkomt op een Olympisch zwembad vol. Hierop startte ze, zonder enige kennis van de markt, ReBloom Care. Daarmee wilde ze een natuurlijke tandpasta ontwikkelen, zonder onnodige toevoegingen ontwikkelen en in een stijlvolle, navulbare verpakking. Dat leidde tot een product waarin 97% minder tandpasta overblijft dan in een gewone tube én een afvalreductie van 89% door de hervulbare doseerflesjes.
Jeannette ging in vogelvlucht door haar ondernemersreis, waarin ze veel tijd en geld investeerde in onder meer verpakking, de beste tandpastaformule en marketing via influencers. Toen de bodem van haar spaarrekening in zicht kwam, stond er een investeerder op en sloot er een compagnon aan. Twee jaar van investeren begon zich uit te betalen, ReBloom Care won de nodige prijzen en eind 2026 wordt break-even verwacht. Jeannette: “De realiteit van ondernemen? Het is niet voor iedereen weggelegd en ook niet enkel rooskleurig. Maar het is wel veelzijdig, je hebt vrijheid en je kunt bouwen aan waar je achter staat. Dus vraag jezelf af: wat zou je willen starten, als je wist dat het niet kon mislukken? Doe wat je leuk vindt, want daar ben je goed in!”
And the winner is…
Aansluitend was het dan tijd voor de uitreiking voor de Teyler-prijzen. Naast Jeannette Smiemans en Leonie Hangoor bestond de jury uit Jerry Dust, winnaar van de afstudeerprijs van vorig jaar, en oud-docent Pieter van der Hoeven, die het concept van de lezing en prijzen bedacht. Vanuit iedere klas was één propedeusestudent voorgedragen, waaruit de jury uiteindelijk Nick Stroet als winnaar koos. Bart Bossers, coördinator jaar 1 van beide opleidingen, reikte hem de propedeuseprijs uit, vergezeld door lovende woorden uit het juryrapport: “Nick is een leuke zeer hardwerkende, gemotiveerde student, die er eigenlijk altijd is, oplet en inhoudelijke vragen stelt. Hij heeft al zijn studiepunten tot nu toe binnen. Hiernaast is hij aardig in de omgang, heel positief en zet hij zich bij de open dagen met veel enthousiasme in.”
De keus voor de beste afgestudeerde, waarbij naast studieresultaten en sociale vaardigheden ook de kwaliteit van de eindscriptie werd meegewogen, viel op Daphne Bottelier. Want, zo schreef de jury: “Wat Daphne bijzonder maakt, is haar combinatie van gedrevenheid, autonomie en strategisch denkvermogen. Zij werkt niet uitsluitend uitvoerend, maar kijkt voortdurend vooruit naar kansen, risico’s en verbeterpunten binnen processen en samenwerking. Daarbij neemt zij eigenaarschap over haar werkzaamheden en weet zij op natuurlijke wijze structuur en voortgang aan te brengen in een dynamische omgeving met uiteenlopende belangen en stakeholders.”
Ondernemerschap met impact
Zo werden ook bij deze twaalfde editie van de uitreiking van de Teyler-prijzen studenten in het zonnetje gezet die bovengemiddeld presteren en een voorbeeld zijn voor anderen – zowel de winnaars als de genomineerden. En werden de studenten dankzij de bevlogen lezing van Jeannette Smiemans geïnspireerd om ondernemerschap te gebruiken om impact te maken. Precies zoals Pieter Teyler van der Hulst dat drie eeuwen geleden ook al deed…
Meer weten? Maak kennis met de opleiding Business Studies van Hogeschool Inholland,



De deelnemende partners brachten stellingen in waarop politici reageerden. Die hadden vooraf kenbaar gemaakt in hoeverre ze het met de stelling eens of oneens waren. Presentatoren Brigitte Kool en Johan Tempelaar stelden vervolgens de vragen, waarna de bij de stelling betrokken partner weer reageerde. Dat begon bij Haarlem Centraal, de belangenvereniging voor de ondernemers in de binnenstad. Esther Joël poneerde namens Haarlem Centraal de stelling dat in het centrum de voetganger centraal dient te staan. Bijvoorbeeld via duidelijke regels, meer handhaving en een betere routing voor fietsers.
Dat leek ook te gebeuren met de door de Industriekring Haarlem ingebrachte stelling. Voorzitter Bruno Giebels zei dat de Waarderpolder momenteel goed is voor zo’n 16.000 arbeidsplaatsen. Daar komen door de vestiging van nieuwe ondernemingen nog eens 5.000 bij. Dat betekent dat er meer investeringen nodig zijn in onder meer vergroening, betere bereikbaarheid, verbetering van de infrastructuur en het wegwerken van achterstallig onderhoud. Vrijwel alle partijen zijn het daar mee eens. Daar was Giebels uiteraard heel blij mee, al was hij wat teleurgesteld over de reactie vanuit de partijen hoe ze dat concreet willen maken. “Veel plannen liggen er al, als belangenbehartiger van de bedrijven weten wij als Industriekring goed waar behoefte aan is. Dus laten we na de verkiezingen verder in gesprek gaan, wij hebben de ideeën en oplossingen voor de uitdagingen waar de Waarderpolder mee te maken heeft. Laat ons jullie helpen om tot concrete uitvoering van die plannen te komen.”
Koninklijke Horeca Nederland afdeling Haarlem ging in op de noodzaak om het aantal regels voor horeca-ondernemers te beperken. Met name waar het dubbele of onnodige regels betreft. Bestuurslid Eefje Majoor gaf aan zo een lijst van te kunnen maken met minstens twintig regels die overbodig zijn of dubbelen met landelijke regelgeving. Daar was Nienke Klazinga (VVD) het van harte mee eens. Zij gaf als voorbeeld een ruim veertig pagina’s tellend boekwerk over regelgeving met betrekking tot evenementen – één van de redenen dat het Kleverparkfestival ophoudt te bestaan.
Ook de Vereniging Eigenaren Binnenstad Haarlem loopt tegen die regelgeving aan. Het is volgens bestuurslid Anton Bruning één van de redenen dat het project Wonen boven Winkels zo moeizaam van de grond komt, ondanks dat iedereen daar vóór is. Ook omdat het college meer aandacht heeft voor de realisatie van woningen buiten het centrum. En dat terwijl een vitale binnenstad zo belangrijk is. Bruning vertelde als voorbeeld dat er per etage maar één ruimte gerealiseerd mag worden, terwijl de woonbehoefte in het centrum heel anders is. Regels over woningsplitsing zitten daar in de weg en zo staat er een potentieel van enkele honderden woningen leeg. Bruning: “Ik begrijp dat de prioriteit ligt bij projecten met duizenden woningen, maar dit is echt laaghangend fruit in de strijd tegen de woningnood.”
Frank Visser (ChristenUnie) gaf de stelling een ruime onvoldoende. Hij legde daarbij uit dat zijn partij op zich welwillend tegenover het idee staat, maar ook oog wil houden voor bijvoorbeeld starters. Diana van Loenen (GroenLinks-PvdA) onderstreepte dat Haarlem ook al heel veel doet voor impact-ondernemers, onder meer door in te zetten op het Sociaal Impact Investeringsfonds en te blijven investeren in het Kennemer Impact Programma.
Alles bij elkaar was het een avond met levendige en interessante debatten, waarbij de politici het op grote lijnen met alles redelijk eens waren, maar waar nog een vervolg moet komen in de realisatie en financiering van de plannen. Daarbij werd meerdere malen opgemerkt dat de gemeente ook kampt met een beperkte capaciteit aan ambtenareninzet. Daarop reikten de diverse ondernemersorganisaties de hand door aan te geven graag voorwerk te doen en na de verkiezingen met concrete suggesties te komen voor de nieuwe gemeenteraad en coalitie.








































De jury was onder de indruk van zowel de kwaliteit van de afstudeerwerken als van de ondernemingsplannen die zij mocht beoordelen. Daarbij vielen onder meer de maatschappelijke relevantie in combinatie met de relatieve eenvoud op, zo vertelde Nielen, tevens bestuurslid bij de 




De kledingindustrie is een van de grootste vervuilers ter wereld, onder meer door de intensieve en goedkope productie, de snelle kledingconsumptie en de microplastics die bij wassen vrijkomen. Het
Sommige studenten borduurden voort op het resultaat van groepen uit eerdere minors. Zo ontwikkelde een groep een educatief lespakket over hoe microplastics via de wasmachine in het water terechtkomen. De lessen zijn ontwikkeld in samenwerking met de UvA, waarbij hun wetenschappelijke kennis door de studenten is vertaald naar de belevingswereld van kinderen. Actief en ontdekkend leren stond daarbij centraal, terwijl de kinderen ook werden aangemoedigd om het onderwerp thuis te bespreken. Een enquête onder ouders leverde op dat dit in meerdere gezinnen tot meer kennis en zelfs gedragsverandering leidde.


Hogeschool Inholland Haarlem
“Een belangrijke kernwaarde van Inholland is ‘persoonlijk & dichtbij’. Nu lijkt zoiets voor opleidingen met een kleiner aantal studenten misschien vanzelfsprekend, maar ook dan houdt het echt wel wat meer in dan ‘studenten bij naam kennen’. En ik vind het mooi om te zien dat het ook bij opleidingen met grotere studentenaantallen, zoals Sportkunde, lukt om dat waar te maken.”
MAAK Haarlem, Cindy van Rees
De uitkomsten van de hackaton werden gepresenteerd in korte pitches. ‘Opdrachtgever’ Geert-Jan van der Bent van Breman Wesco, een groot bedrijf in werktuigbouwkundige apparatuur en installaties, was onder de indruk van het resultaat. Breman Wesco bracht een logistiek vraagstuk in rondom slimmere inrichting en gebruik van de opslagloods. “Deze aanpak levert veel inspiratie en ideeën op om verder op te bouwen”, zo zei Geert-Jan van der Bent na de eindpresentatie. “Daarbij valt me onder meer op dat studenten niet alleen ideeën hebben geleverd, maar ook bedrijfseconomisch hebben gekeken. Goed dat ze het zo overkoepelend hebben aangepakt.”

“Ook met de opkomst van AI en andere technologische ontwikkelingen bewegen we als opleiding continu mee: welke tools helpen je om sneller tot een resultaat te komen, waarbij je uiteraard wel de regie houdt en zelf zorgt dat je tot een creatieve en kwalitatieve productie komt. Daarnaast is een rode draad door de hele opleiding de nadruk op waardecreatie. Vanaf het eerste moment laten we studenten nadenken hoe ze meerwaarde creëren op meerdere vlakken, of dat nu sociaal, cultureel, economisch of ecologisch is. Dus niet alleen de vraag of een product verkoopbaar is, maar ook: wat beweeg ik in de wereld hiermee?”


