Berichten

Textielcentrum Paswerk verlengt de levensduur van kleding

Per jaar gooien we in Haarlem naar schatting een miljoen kilo kleding weg. Veel daarvan komt gelukkig terecht in de textielbakken van Spaarnelanden of wordt naar de kringloopwinkel Snuffelmug gebracht, een leerwerkbedrijf van Paswerk. Waar de levensduur van deze kledingstukken wordt verlengd.

Tom Wielart: ‘We werken samen met sorteercentra, textielrecyclingbedrijven en een stichting in Hoofddorp, zodat we zeker weten dat de kleding op de juiste plek terechtkomt.’

De kleding uit de textielbakken wordt verkocht, vermaakt of naar het buitenland gestuurd om daar verder verhandeld te worden. Tom Wielart (40) is acht jaar geleden begonnen met het opzetten van een textielcentrum binnen het bedrijf. Tom: ‘Gelukkig kunnen we 85% van de kleding die we ontvangen op verschillende manieren hergebruiken. Dat gebeurt door kleding te verkopen in onze kringloopwinkel Snuffelmug. Soms herstellen we kledingstukken, vooral van de grote merken. Een deel van de kleding gaat naar andere landen, zoals Afrika of Oost-Europa, waar het verkocht wordt aan handelaren die het weer op de markt brengen.’

‘We werken samen met sorteercentra, textielrecyclingbedrijven en een stichting in Hoofddorp, zodat we zeker weten dat de kleding op de juiste plek terechtkomt. Van kleding die niet meer te dragen is, maken we in ons naaiatelier weer andere producten, zoals kussenhoezen. Uiteindelijk blijft slechts 15% van het materiaal uit de textielbakken over, dat we niet kunnen hergebruiken. Dat gaat naar Spaarnelanden. Gelukkig daalt dat percentage gestaag door allerlei nieuwe initiatieven op het gebied van hergebruik van grondstoffen. Het doel is natuurlijk dat we uiteindelijk veel minder kleding weggooien met zijn allen.’

Succesfactoren
Bij Paswerk worden mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk geholpen en gehouden. ‘Toen ik hier in 2013 kwam werken, deden we nog niets binnen Paswerk met textiel. Nu is er een textielsorteercentrum en het kringloopbedrijf is uitgegroeid tot twee kringloopwinkels met wereldwijde contacten in de textielhandel. Super natuurlijk! Maar het meest trots ben ik op de mensen met wie ik dit werk doe. Toen we met deze afdeling begonnen, waren niet alle medewerkers even enthousiast. De meesten hadden al op verschillende plekken binnen Paswerk gezeten. En nu werken er 20 mensen aan textiel en draaien zij zelfstandig de afdeling. Dat is echt gaaf om te zien. Maatwerk, aandacht en kijken naar talenten zijn de belangrijkste succesingrediënten. Meer verklap ik niet’, voegt Tom lachend toe.

Modebewust
‘We krijgen veel vragen van bijvoorbeeld verwerkingsbedrijven, gemeenten, maar ook van hogescholen, zoals de modeacademie. Zo komen er bijvoorbeeld met regelmaat een paar modebewuste meiden langs die ons een update geven van wat mensen wel en niet dragen. Op die manier zorgen we dat in de kringloopwinkels kwalitatief goede, maar ook hippe kledingstukken hangen. Iedereen is welkom om een kijkje te nemen en een rondleiding te krijgen in het textielsorteercentrum. Ook staan we open voor ideeën hoe we nog meer aan verduurzaming kunnen werken.’

Tips van Tom

Wil je ook je steentje bijdragen om de kledingindustrie minder vervuilend te maken? Tom geeft enkele tips:

  • Er zijn merken die echt duurzame kleding verkopen, bijvoorbeeld van gerecycled en afgedankt textiel.
  • Draag je bepaalde kledingstukken niet meer? Dan kun je die doorgeven via een kledingruil of kledingketting of je gooit het – in een gesloten zak – in een van de textielbakken van Spaarnelanden of brengt het naar Snuffelmug.
  • Koop alleen de kleding die je echt nodig hebt. En laat je dus niet verleiden om heel veel te kopen bij grote ketens waar de kleding goedkoop is. Beter kun je enkele kwalitatief goede kledingstukken aanschaffen waar je echt blij van wordt en dus lang draagt.

www.haarlem.nl/de-groene-mug

Bedrijven in de Waarderpolder zetten deuren open voor docenten

Op de Dag van de Ondernemer, afgelopen vrijdag, werden in het hele land ondernemersdoor lokale overheden in het zonnetje gezet. De maatschappelijke organsiatie voor jongeren JINC en Parkmanagement Waarderpolder gaven hier invulling aan door met docenten en stagebegeleiders op bedrijfsbezoek te gaan. Zo kunnen ze hun netwerk uitbreiden, feeling houden met het werkveld en studenten enthousiast maken voor een stage of baan bij een bedrijf in de Waarderpolder.

Karin Kuiper van VNO-NCW, initiatiefnemer van de Dag van de Ondernemer, was enthousiast over de bedrijfsbezoeken: ‘Ik zou andere gemeenten op willen roepen om dit voorbeeld te volgen.’

Het programma begon bij Spaarne– landen, waar sommige docenten op hun laptop of telefoon nog snel wat berichten van studenten beantwoordden voordat ze welkom werden geheten door Spaarnelanden-directeur Robert Oosting. Oosting stond zelf jarenlang voor de klas en kent vanaf beide kanten het belang van een goede aansluiting tussen onderwijs en bedrijfsleven. ‘Voor onze eigen organisatie geldt dat we de behoefte kennen om te veranderen, momenteel met name op het gebied van duurzaamheid. We doen dingen vaak al lang op dezelfde manier omdat we het nu eenmaal zo gewend zijn. Mede dankzij leerlingen en studenten krijgen wij weer nieuwe inzichten.’

Aanwas van onderaf
Naast Spaarnelanden werden NS Treinmodernisering, Pentacon, JP Haarlem, Cavex, Easypers, Simon Levelt en Intos bezocht. Bij interieurbouwer Intos werken zo’n 165 mensen. ‘Over het algemeen zijn dat jonge mensen’, vertelde directeur Diederik Hein aan zijn bezoekers. ‘De aanwas moet echt ‘van onderaf’ komen. Daarom ben ik zo blij om jullie hier te mogen ontvangen. Jullie zijn bezig met onze toekomst, leiden de mensen op die hier straks werken.’

Ingeborg Peekel van het Nova College bezocht onder meer NS Treinmodernisering. ‘Er werd verteld dat studenten met minimaal een niveau 2-opleiding daar kunnen starten, waarbij ze alle ruimte krijgen om bijvoorbeeld een niveau 3-opleiding te volgen, of daar op dat moment nu wel of geen behoefte aan is binnen het bedrijf. Verder geeft dit bezoek me meer zicht op hoe het er op de werkvloer aan toegaat, waar ik weer over kan vertellen aan onze studenten.’

Karina Neef, afstudeercoördinator bij Hogeschool Inholland, deelt die ervaring. ‘Je kunt nu echt direct ‘rapporteren’ vanaf de werkvloer. We komen natuurlijk vaker bij bedrijven, bijvoorbeeld voor stagebezoeken, maar zien nu toch weer andere plaatsen, branches en bedrijfsprocessen. Bovendien zijn we altijd op zoek naar samenwerking met bedrijven en deze dag biedt ons de gelegenheid dat netwerk verder uit te breiden.’

Voortdurend onderwijs
Bij de afsluitende borrel toonde Karin Kuiper van VNO-NCW, initiatiefnemer van de Dag van de Ondernemer, zich enthousiast over de keuze om de dag in het teken van arbeidsmarkt en onderwijs te stellen. ‘Er bij komt bij ondernemers steeds meer besef voor het belang van voortdurend onderwijs. Ik zou andere gemeenten dan ook op willen roepen om dit Haarlemse voorbeeld te volgen.’